AC Logo Groot

Social media buttons

Teendrukmeting met Systoe

 

Achtergrond:

De diagnostiek van perifeer arterieel vaatlijden (PAV) geschiedt met bepaling van de Enkel-Arm index (EA-i) met behulp van een doppler techniek of (toenemend)  een oscillometrische techniek. Vanuit een theoretisch oogpunt is de toepassing van de EA-i meer foutgevoelig bij ouderen en patiënten met diabetes mellitus. Door de sclerosering van de intima media is een hogere compressie (cuff) druk nodig en dit zorgt voor een foutieve schatting van de arteriële druk en dus de EA-i.
Met de gemakkelijk toepasbate teendrukmeting is een dergelijke foutieve inschatting veel minder waarschijnlijk, de arterie in de grote teen is veel minder gevoelig voor intima sclerose. In een vergrijzende populatie met een groeiend aandeel diabetes lijkt de teendrukmeting een aanvulling in de diagnostiek naar PAV en de inschatting van cardiovasculair risico.
Wij hebben gekozen voor de teendrukmeter van Atys; de Systoe.

Wat mag je een normale uitkomst noemen?

Voor de EA-index geldt grofweg een waarde < 0,9 als afwijkend.
Voor de normaalwaarde van de TA-index stelt de Amerikaanse richtlijn Peripheral Artery Disease een afkappunt van 0,72; de vertegenwoordiger van Atys noemt een waarde in Frankrijk van 0,65.

Pilot vergelijking EA-index versus TA-index bij huisartsen in de regio:

Van 2013  tot 2016 hebben  13 huisartsen de beschikking gehad over de Systoe teendrukmeter. In die periode zijn ongeveer 130 vergelijkingen gedaan tussen de uitkomst van de EA-index versus de TA-index bij patiënten met DM en een verhoogd risico op hart- en vaatziekten (CVRM) .
In de figuur hieronder zijn TA-i (x-as vergeleken met EA-i (y-as):

N130TAvsEA alle data

Technisch niet uit te voeren EA-indexen zijn aangegeven als een 0 waarde en derhalve zichtbaar op de X=0 lijn.

In de hieronder aangegeven matrix is zichtbaar welk aandeel van de normale EA-indexen samenging met een afwijkende TA-index en vice versa. (tussen haakjes de getallen bij DM-patienten).

VerdelingReclas TAIvsEAI

De groene vakjes laten gelijke uitkomsten zien van EAI met TAI, in 65% van de vergelijkingen is de uitkomst gelijkwaardig; een onderzoek naar aanwezigheid van PAV met EAI en TAI geven een gelijke uitkomst.. Voor de DM groep was dit getal met 58% lager dan voor de HR groep (73%).
In 22% (rode vakje) was de uitslag van de EAI fout negatief, gelijkelijk verdeeld tussen DM en HR.
In 7% (oranje vakje) was de uitlag van de TAI normaal bij een afwijkende EAI, dit kwam met 10% vaker voor bij HR dan bij DM patiënten (4,3%).